Mist

Ik besta niet meer.

Wat? Nee, dat komt niet door carnaval – eh, het dorpsfeest. Dronken? Ik was helemaal niet dronken! Ik heb zelfs een half biertje laten staan. Ik ging naar de wc, en toen ik terug kwam, wist ik niet meer welke van mij was. De keer erna heb ik het maar meegenomen de wc in. Veel veiliger.

Maar echt, ik ben verdwenen. Lucht. Mist. Een dauwdruppel ’s ochtends in het eerste zonlicht – even is hij er en dan… poef. Weg.

Het kijkt niet meer naar me. Als ik het ophaal van brugklaskamp, dan ziet het me wel, o, zeker. Maar het wil me niet zien. Het steekt met gestrekte arm naar beneden een heel klein handje op. Met het blote oog nauwelijks waar te nemen voor hen die niet de moeder zijn. Het volgende contact is dan de grote weekendtas die op mijn voeten wordt geworpen. Hoi, zoon. Leuk dat je er weer bent. Kijk nou toch eens, al die kinderen die wél reikhalzend naar hun moeder uitkijken! Die haar – nee toch! – omhelzen! Wat een rare types, hè? Een duw en een “ben je nou eindelijk klaar, mam?” is alles wat ik krijg.

Zou het ooit nog goed komen? Zou het ooit nog iets van me aannemen? Liefde? Advies? Iets anders dan een Playstation 4, een iPhone 7 of gewoon, geld voor Star Wars Battlefront?

Ik weet het niet. Ik denk aan de afgelopen 12 jaar en houd mezelf dapper voor dat het over nóg eens 12 jaar wel weer beter zal zijn. Dan torent het boven me uit en zegt het: “Hee, ma! Biertje?” Tot die tijd moet ik de diepe zuchten en boze blikken maar gewoon doorstaan.

En als je me vanavond dus tegenkomt in de feesttent, in mijn mistige vorm, zeg dan gewoon even, hee, Meik, wat LEUK dat je er bent! Dan word ik misschien weer wat zichtbaarder. Me een biertje geven is optioneel. Meegaan naar de wc ook.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.