Pepernoot

Het zaterdagochtendgevoel. Dat is lekker koffie slurpen in je stoel met de zon achter je en het Volkskrant Magazine lezen, ondanks het feit dat het dit keer over design gaat. Dat interesseert je geen ruk. Het had namelijk erger kunnen wezen. Het had ook de modespecial kunnen zijn.

Zo zie je maar weer. Kleine dingen kunnen je ook best blij maken en best veel dingen zijn relatief in het juiste perspectief. (Huh! Op rijm? Betekent dat dat ik zomaar al klaar ben voor Sinterklaas? In september, als een pepernoot?)

Proost. Op de nazomer. En op was die zichzelf opvouwt dit weekend. Konijnen die minder poepen. En kinderen die alleen maar analoog bouwen.

Alaaf

Ik heb een ontboezeming die er al dagen uit wil. Klinkt smerig, is het eigenlijk ook wel. Voordat ik die ga doen, eerst even wat huishoudelijke mededelingen.

1.) Dit stukje had ik al veel eerder willen schrijven. Maar… it ain’t easy being green – eh, ik bedoel… being 41. Deze mevrouw had niet minder dan 4 dagen nodig om bij te komen van bepaalde zeer lokale festiviteiten. Sorry.

2.) Nóg een verontschuldiging vooraf, aan mijn Limburgsche medemens. Mijn oprechte excuses. Gelukkig ben ik geboren in Nijmegen, dus vierendelen op grond van onlimburgs gedrag kunnen jullie me niet.

Klaar? Komt-ie. Ik roep al jaren dat ik terug ga. Naar Limburg. Om carnaval te vieren. En áltijd, elk jaar weer, heb ik een excuus. Meestal hetzelfde excuus: “Maar het is hier dan geen vakantie!” Afgewisseld met: “Maar mijn vakantiedagen zijn op!” (Ik bespeur een thema…) Of: “Maar wie gaat er dan met me mee? Niemand toch?” En: “Ik kan me toch niet wéér drie avonden lang door een willekeurige Maastrichtenaar (meestal op de een of andere wrede manier een ex-leerling van mijn vader, oh, de kromme tenen) thuis laten brengen? Dat is gênant, op je <vul leeftijd boven de 30 in>e!”

Vanaf dit jaar: geen excuses meer. Ik doe het niet meer. Ik ga niet meer terug naar Limburg. Ik ben officieel carnaval-af. Want weet je? Je hebt hier, in mijn nieuwe nest boven de rivieren, een Dorpsfeest. En weet je nog meer? Daar heb je een Tent. Daar mag je in. Zomaar. Daar is Bier. Daar kun je dansen en slempen. Op de tafels, als je wilt. Niet 3 dagen, maar 4. En het mooiste van alles? Je mag verkleed! Echt waar! En dat doen mensen! Niet-Limburgse mensen!

Dus. Sorry, mede-Limburgers (oké, bijna mede-Limburgers dan. Als je per se op alle slakken zout wilt leggen. Pfffft.). Ik heb een nieuw carnaval. En ik hoef er niet eens 2 1/2 uur voor in de trein te zitten.

Nu alleen nog een alternatief voor Alaaf verzinnen. Ik heb nog een heel jaar.